Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
Algemene informatie

leer samen met mij Farsi en help elkaar

Ik heb een woordenboek gemaakt, dat iedere Nederlander kan gebruiken, omdat het fonetisch op alfabet is gerangschikt.

klik hier voor informatie
 
  
Er is ook ander lesmateriaal beschikbaar.
  
Maar hier willen we, vanuit de Nederlandse taal, ervaringen met elkaar uitwisselen. Over de woorden, de grammatica, vertalingen, enz. Ik nodig je van harte uit om hier vragen te stellen.
  
 
Als je een vraag over de farsi taal wilt stellen, maak dan gebruik van het contactformulier onderaan deze siteDe vraag wordt desgewenst op deze site gepubliceerd.
Soms maak ik gebruik van de kennis van degenen die Farsi als moedertaal hebben.
 
Index van Farsi lessen en andere onderwerpen over deze taal: klik hier!
 
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
 

CURSUS PERZISCH (FARSI)/ Docent M. Djabani  

De taal van vele grote dichters en filosofen... 

 Wekelijks vanaf 3 oktober (19.00-20.30 u.)  

Er is nog plek!  

 Inschrijven bij Volksuniversiteit Groningen

 (gebruik deze link) 

Website Volksuniversiteit: www.vugroningen.nl  Tel:050-3126555

 Cursus Farsi via internet te bestellen: info@itacentrum.nl of 06-24236194

 Drie lesblokken + CD met conversaties (60 min.)

Totale kosten € 95,- (exl. verzendkosten) Leraar Massoud Djabani

 

Laatste artikelen

In het Nederlands kennen we twee manieren om de uitspraak van iemand anders weer te geven. De eerste manier is de directe rede, waarbij we aanhalingstekens gebruiken. Voorbeeld: Hij zegt "ik ben ziek".

Maar we hebben ook de "indirecte rede". Voorbeeld: "hij zegt dat hij ziek is". De betekenis van beide zinnen is hetzelfde, maar in het eerste voorbeeld worden de woorden van de spreker letterlijk herhaald. In het tweede geval rapporteren we wat de spreker heeft gezegd en daardoor verandert het werkwoord en het persoonlijk voornaamwoord. In het Perzisch kennen we dit onderscheid niet, we gebruiken gewoon de woorden die de spreker heeft gezegd. De aanhalingstekens kunnen vervangen worden door tekens die soms in Farsi worden gebruikt: «.......»

Maar het is niet noodzakelijk. De woorden die worden aangehaald worden meestal voorafgegaan door het woordje "keh"  که "dat" . Ook dit is niet noodzakelijk.

Oefen de volgende zinnen:    

 

 Mijn broer zei "ik ben ziek"

برادرم گفت « مریضم »ئئئ   

۱ 

 

 برادرم گفت مریضم

 ۲ 

of 

 

 

 

 Mijn broer zei dat hij ziek was.

 برادرم گفت که مریضم

 

 ۳

   mariez  = ziek مریض

 برادرم گفت که « مریضم »ئئئ  

 ۴ 

 

Op dezelfde kunnen we vragen formuleren waarin we een uitspraak citeren:

 

 

Ahmed vroeg "waar ga je naar toe?" 

احمد پرسید « شما کجا می روید ؟ » ــــ 

۱ 

 

 احمد پرسید شما کجا می روید ؟  ــــ

 ۲

 of

 

 

 Ahmed vroeg waar ik/hij/zij wij/jullie/zij naar toe ging(en).

 احمد پرسید که  شما کجا می روید ؟  ــــ

 ۳

 

 احمد پرسید که « شما کجا می روید ؟ » ــــ

 ۴

 

Vraagtekens behoren vanouds niet tot het Perzische schrift, maar worden tegenwoordig wel vaker gebruikt.

Uit de context van de zin kan gewoonlijk worden opgemaakt wie er met شما bedoeld wordt. Men gebruikt wel altijd de letterlijke tekst van de spreker.

Een vraag waarop het antwoord "ja" of "nee" wordt verwacht begint meestal met "aya"  آیا

Dit woord kan niet vertaald worden in het Nederlands. Het is altijd het eerste woord van zo'n vraag:

 

 

 Ga je uit?---

Sjommaa bieroen mierawied? 

شما بیرون می روید؟ 

۱ 

 

 of

 

 

 

 Aya sjommaa bieroen mierawied?

 آیا شما بیرون می روید؟

 ۲

Op dezelfde manier kunnen we opdrachten citeren:       

 

ga! 

rrawied 

بروید 

 

 hij zei "ga"

 khoft rrawied 

 گفت بروید

 ۱

 of

 

 khoft < rrawied> 

 گفت «بروید » ـــــ

 ۲

 Hij zei me/je/hem/haar/ons/jullie/zij

te gaan

 khoft keh rrawied

 گفت که بروید

 ۳

 

 khoft keh <rrawied>

 گفت   که «بروید » ـــــ

 ۴

 

 index alle onderwerpen

 

 

Reacties

Onderaan les 13e schreven we:

"Als we in Farsi een vraag formuleren veranderen we de volgorde van de woorden niet, zoals in het Nederlands. De intonatie is dus heel belangrijk. Het stemgeluid wordt hoger naar het einde van de zin. "

Als we Farsi schrijven gebruiken we vaak het Europese vraagteken aan het eind van een zin. Er zijn Perzische boeken waarin geen vraagtekens voorkomen. Het hoort niet bij het oorspronkelijke Farsi schrift. Farsi-talige boeken worden ook wel in Europa gedrukt en dan zijn ze meestal wel van vraagtekens voorzien.

Maar de volgorde van de woorden blijven onveranderd.

Zij zagen hem. Oera diedand. اورا دیدند  Bij deze zin gaat het stemgeluid naar beneden.

Zagen zij hem? Oera diedand?  اورا دیدند ؟

Hierbij gaat het stemgeluid omhoog.

Vraagwoorden: Veel vragen beginnen - net zo als bij ons - met een vraagwoord:

 

waarom? 

tsjeraa? 

چرا ؟

-------------------------- 

wanneer?  

kee? 

کی؟ 

wat?

tsjèh? tsjèh tsjiez? *

 چه؟ - چه چیز؟

 

waar?

kodzja?

  کجا؟

welke?

kodam?

 کدام؟

 

hoe?

tsjetoer?

  چطور؟

wie?

kie?

 کی؟

 

hoeveel?

 tsjand? tsjèqdar?

 چند؟  چقدر؟

 * "tsjèh" wordt in de omgangstaal "tsjie".

 

Als we deze woorden gebruiken om een vraag in Farsi te formuleren, kunnen we met deze woorden beginnen, net zo als in het Nederlands:

 

1. Waar kan Hassan vandaan?  حسن از کجا آمد؟

2. Tegen wie zei hij dit?  به کی این چیز را گفت؟

3. Wanneer kom je morgen? شما فردا کی می آئید؟ 

4. Waarom kwam je vandaag?  چرا امروز آمدید؟ 

 

Toch is het gebruikelijker om het vraagwoord vlak voor het werkwoord te plaatsen en dat betekent dat het bijna aan het einde van de zin komt te staan:  

۱ حسن از کجا آمد؟

۲ این چیز را به کی می گفت؟ا

۳ شما فردا کی می آئید؟

۴ امروز چرا آمدید؟

De laatste voorbeelden klinken veel beter in het Perzisch.

 

Index van alle lessen en onderwerpen.

Reacties

Oefeningen (tamrien) aanvoegende wijs

 I. Zet in de tegenwoordige aanvoegende wijs:

 

می پرسید 

 ۳

 ----------

نمی آیم 

۲ 

---------- 

 می روم

۱ 

 نمی خوریم

 ۶

 

 می گوید

 ۵

 

 می کنند

۴

 می پردازیم

 ۹

 

 نمی کشد

 ۸

 

 می نویسم

 ۷

 

 

 

 نمی پزد

 ۱۰

 

 

 

 

II. Zet de gemaakte antwoorden nrs. ۱,۳,۴,۵,۷ en ۹  van oefening I in de negatieve aanvoegende wijs.

 

III. Maak van je antwoorden van oefening I de bevestigende aanvoegende wijs van de nummers ۲,۶,۸ en ۱۰  .

IV. Vertaal in Perzisch en lees dan hardop. Let op de voorvoegsels waarop de klemtoon valt.

1. Mag ik naar buiten gaan?

2. Wat zal ik zeggen?

3. Kom hier.

4. Waar zou hij naar toe gaan?

5. Laten we hem bezoeken (vertaal "zien" en maak er één woord van)

6. Neem zijn geld niet (aan).

7. Laat hem niet zijn (eigen) geld nemen.

8. Zeg me dit na ("na vertalen als "met")".

9. Kook mijn eten vanavond niet laat.

10. Waarom zou ik niet kunnen betalen?

 

V. Vorm nieuwe zinnen met gebruik van het achtervoegsel  ش- -esj of  شان-  -esjaan:

 

باو گفتم 

۲ 

------------ 

 چرا آنرا نکردید؟

۱ 

 روی * آن بود

 ۴

 

 باو نگوئید

 ۳

 

 

 

 توی* اطاق نرود

 ۵

 

VI. Vertaal oefening 5.

 

index van alle lessen en andere onderwerpen. 

 Antwoorden:

I.

  بروم 2 نیایم 3 بپرسید 4 بکنند  5 بگوید 6 نخوریم 7 بنویسیم 8 نکشد 9 بپردازیم 10 نپزد  

II.

  نروم  3 نپرسید 4 نکنند  5 نگوید 7 ننویسیم 9 نپردازیم 

III.

یایم 6 نخوریم  8 بکشد 10 بپزد

IV. 

 

پولش را نگیرید 

--------------- 

بیرون بروم؟  

 پول خودش را نگیرد

 

 چه بگویم؟

 2

 این را با من بگوئید

 8

 

اینجا بیائید

 3

 امشب شاممرا دیر نپزید

 9

 

 او کجا برود؟

 4

 چرا نپردازم؟

 10

 

 ببینیمش؟

 5

V.

چرا ندیدیدش؟ 2 بش گفتم  - 3 بش نگوئید - 4 رویش بود -5  تویش

VI.

1. Waarom deed je het niet?

2. Ik zei het tegen hem.

3. Vertel het hem niet.

4. Het was daarom.

5. Laat hem niet de kamer binnen gaan.

 

 

 

 

  

 

Reacties

Het achtervoegsel  ش-  esj. De betekenis hiervan is de bezittelijke vorm: zijn of  haar. Het wordt achter het zelfstandig naamwoord gebruikt. Maar in de omgangstaal kan het ook worden "vastgemaakt" aan het voorzetsel:

 

 

 Wat vertelde je hem/haar?

 tsjèh bè-oe khoftied?

 باو چه گفتید؟

۱

 

 tsjèh bèsj khoftied?

 چه بش گفتید؟

۲ 

 Ik vroeg hem/haar zijn/haar naam   

 az oe nammèsj porsiedam

 از او نامش را پرسیدم

۳  

 

 azesj nammèsj porsiedam

 ازش نامش را پرسیدم

۴ 

 (پرسیدن  porsiedan,     -پرس- -pors- = vragen)

 

Bij voorzetsels waaraan normaal de ezafèh * wordt toegevoegd, vervalt deze als het achtervoegsel ش-  esj wordt gebruikt:      ۷  

 

 

hij stond achter hem/haar   

posjt-e oe-iestad 

پشت*او ایستاد 

 ۵

 

 posjtèsj iestad

 پشتش ایستاد

 ۶

 Ging u er recht op af?

 piesj-e an raftied?

 پیش*آن رفتید؟

 ۷

 (did you go in front of it?)

 piesjèsj raftied?

 پیشش رفتید؟

 ۸

Als het voorzetsel eindigt op een klinker dan wordt er een ie/y  ید tussen geplaatst voor een vloeiende uitspraak.

 

 

Ligt (is) het boek op de tafel? 

kettab roeye miez ast?  

 کتاب روی*میز است؟

۹ 

ja, het ligt (is) erop 

 ballèh roeye an ast

 بله روی*آن است

 

 

 ballèh roeyesj ast

 بله رویش است

 

 Mijn vriend ging in plaats van hem/haar   

doestam bèdzjayesj raft 

 دوستم بجایش رفت

 ۱۰

 

 Het achtervoegsel  ش-  esj kan ook worden vastgemaakt aan het werkwoord, waarmee het lijdend voorwerp van dat werkwoord wordt aangegeven.

 

Het achtervoegsel  ش-  esj betekent hier او را  "oe ra" of   آن را "an ra"

 

 

Nee, ik zag hem/haar niet   

 nàh oera diedam   

نه او را ندیدم 

 

 nàh diedamèsj

 نه ندیدمش

 

 

Overal waar we hierboven het achtervoegsel  ش-  esj hebben gebruikt, kunnen we ook het daarmee corresponderende meervoud achtervoegsel  شان-  -esjaan gebruiken.

 

 

ik zei hem/haar   

bèsj khoftam 

بش کفتم

۱

 

ik zei (tegen) hen 

 besjaan khoftam

 بشان گفتم

 ۲

 

 

 

 

 Was u hiervoor? (=was u  voor dit huis?)

 sjomaa pahloeyesj* boedied?   

 شما پهلویش بودید؟

 ۱

Waren jullie voor (dit huis)? 

 sjomaa pahloeyesjaan* boedied? 

 شما پهلویشان بودید؟

 ۲

 

 

 

 

 ik zag hem/haar niet

 diedamesj

 ندیدمش

 ۱

 ik zag hen niet

 diedammesjaan

 ندیدمشان

 ۲

 

* pahloeye = klinkt enigszins als pagloeje.

 

Attentie:  بودن boedan en داشتن   dasjtan (hebben en zijn). Probeer met deze beide werkwoorden geen aanvoegende wijs te vormen.

Hiervoor gelden speciale regels die we later zullen behandelen.

 

Index van alle lessen en onderwerpen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Reacties

Om de zinnen in de aanvoegende wijs negatief te maken, moeten we eerst het voorvoegsel "bè"  به of "bie" بیم  verwijderen.

Hiervoor in de plaats zetten we het negatieve voorvoegsel "na"  نا  (of  "nie"  نیم voorafgaand een klinker). Op zo'n negatief voorvoegsel valt - zoals altijd - de klemtoon.

 

 

 tegenwoordige 

 aanvoegende

 wijs - bevestigend

 

 tegenwoordige

 aanvoegende

 wijs - ontkennend

بگویم 

khoeyam 

ik zou zeggen 

----------------- 

نگویم 

 nakhoeyam 

ik zou niet zeggen 

 بگوئید

 khoe'ied

jij zou zeggen 

 

 نگوئید

 nakhoe'ied

jij zou niet zeggen 

 بگوید

 khoeyad

 hij zou zeggen 

 

 نگوید

 nakhoeyad

 hij zou niet zeggen

  بگوئیم

 khoe'iem

wij zouden zeggen

 

 نگوئیم

 nakhoe'iem

 wij zouden niet zeggen

  بگوئید

 khoe'ied

jullie zouden zeggen

 

 نگوئید

 nakhoe'ied

jullie zouden niet zeggen 

  بگویند

 bèkhoeyand

 zij zouden zeggen 

 

 نگویند

 nakhoeyand

 zij zouden niet zeggen

 De tweede persoon van de aanvoegende wijs (zowel bevestigend als ontkennend) wordt in deze vorm gebruikt als de gebiedende wijs.

 

بمن بگوئید 

Bèman khoe'ied 

Zeg (het) me !

 باو نگوئید 

bè-oe khoe'ied 

zeg het niet tegen hem!

 منزل بروید

 manzel bèrrawied

 ga naar huis!

 اینجا نیائید 

 آن کتاب را بدهید

 iendzja ya'ied

 

 an kettab ra bèddehied   

 

 kom niet hier!

 

geef dat boek!

 

 Op dezelfde manier kun je zinnen vertalen die beginnen met "laat me/hem/haar ..... of laten we/ze".

We gebruiken dan niet het persoonlijk voornaamwoord.

 

 

برود 

rrawad 

 laat hem gaan

 نگوئیم

 nakhoe'iem

 laten we het maar niet zeggen

De vragende vorm van de eerste persoon enkelvoud wordt vaak gebruikt:

 

چه بگویم؟ Tsjèh khoeyam? Wat zal/moet/kan ik zeggen?

 

Index alle lessen en onderwerpen.

 

 

 

Reacties

Even het geheugen opfrissen. De aanvoegende wijs (of: conjunctief) is een werkwoordsvorm die onder meer een wens, toegeving, aanwijzing of aansporing uitdrukt. In het hedendaagse Nederlands is het gebruik van de aanvoegende wijs goeddeels beperkt tot vaste uitdrukkingen (kome wat komt, koste wat het kost, zo waarlijk helpe mij God almachtig, de hemel bewaar me, godbetert (=?God beter 't), leve de koningin!, men neme, het zij zo). Vroeger gebruikte men ook wel uitdrukkingen van "dat het moge gebeuren", "laat komen wat komt", "hij zou dat kunnen" o.i.d. en dat lijkt al meer op het gebruik in Farsi. 

In Farsi wordt de aanvoegende wijs veel vaker gebruikt. De tegenwoordige aanvoegende wijs wordt gevormd door de tegenwoordige tijd te nemen. Hierbij komt het voorvoegsel "mie" te vervallen en wordt vervangen door "bè". Dit voorvoegsel moet wel aan het werkwoord worden vastgemaakt. (In tegenstelling tot het voorvoegsel "mie" dat ook wel los van het werkwoord wordt geschreven.)

Een voorbeeld van het werkwoord "raftan" رفتن = gaan. Tegenwoordige stam  - رو -  ra. Om te vergelijken de tegenwoordige tijd en de aanvoegende tegenwoordige tijd naast elkaar. 

 

 

 tegenwoordige tijd

 

 tegenwoordige aanvoegende tijd

میروم 

 mierawam

ik ga 

----------------------- 

بروم 

rawam

laat ik gaan 

 میروی

 mierawie

jij gaat

 

بروی 

rawie

laat je gaan

 میرود

 mierawad

hij/zij/het gaat 

 

 برود

rawad

laat hij/zij/het gaan 

 میرویم

 mierawiem

wij gaan

 

 برویم

rawiem

laten wij gaan 

 میروید

 mierawied

jullie gaan/u gaat 

 

 بروید

rawied

laat u/juliie gaan 

 میروند

 mierawand

zij gaan 

 

 بروند

rawand

laat ze gaan 

 De klemtoon valt steeds op het voorvoegsel "bè".

Spreek uit:

 

 rawam

بروم 

 

 nama'ied

بنمائید 

 foroesjad

 بفروشد

 

 ganniem

 بخوانیم

 khoe-jam

بگویم 

 

 farmayand

 بففرمایند

Als het werkwoord begint met een "alef" dan wordt het voorvoegsel "bè" veranderd in "bie". Die "ie" wordt ook geschreven.

Het hoedje (maddèh) van de zog. lange a آ komt dan te vervallen.

Werkwoorden met een آ :

bie-amoezand بیاموزند (laten zij onderwijzen)-  bie-ajam بیایم (laat ik komen, moge ik komen)

werkwoorden met een ا  :

bie-afzoe-iem  بیافزوئیم (laten/mogen we vermeerderen) -  bie-andazad  بیاندازد (laat hem trekken)

Het werkwoord "iestadan"= staan, begint al met een "ie" en in dit geval wordt het voorvoegsel "bè" ب  afzonderlijk geschreven. 

bè-iestam (laat ik stoppen)  به ایستم

 

 

index van alle lessen en onderwerpen.

 

 

 

 

 

 

Reacties

Twee werkwoorden in een zin. 

 

Het tweede werkwoord krijgt het voorvoegsel “bè” Op dit voorvoegsel valt de klemtoon, evenals bij het voorvoegsel “mie”. 

 

 

Willen/nodig hebben = خواستن /gastan/

Gaan = رفتن /raftan  stam: raw en wordt rraw برو (wordt zelfstandig gebruikt als “borroo” en betekent “ga!” of “ga weg!”)

 

Ik wil gaan. = می خواهم بروم /miegaaham rrawam    (wordt in de spreektaal bèrram,berrie, enz.)

Jij wilt gaan. = می خواهی بروی /miegaahie rrawie.

Hij/zij wil gaan = می خواهد برود /miegahad rrawad 

Wij willen gaan = می خواهیم برویم /miegahiem rrawiem 

Jullie willen gaan (u wilt gaan)  = می خواهید بروید /miegahied rrawied 

Zij willen gaan = می خواهند بروند /miegahand rrawand 

 

slapen = خوابیدن = /gabiedan

De stam is خواب /gaab en wordt nu gaab ,بخواب .

 

Ik wil slapen. = می خواهم بخوابم /miegaham (,miegam) gaabam 

Jij wilt slapen = می خواهی بخوابی miegaahie gaabie .

Hij/zij wil slapen = می خواهد بخوابد /miegaahad gaabad 

Wij willen slapen = می خواهیم بخوابیم /miegaahiem gaabiem 

Jullie willen slapen = می خواهید بخوابید /miegaahied gaabied .

Zij willen slapen. = می خواهند بخوابند /miegahand gaaband .

 

Studeren (leren) = درس خواندن /dars gandan 

De stam is خوان  gan en wordt بخوان   bègan

 

ik wil studeren. = می خواهم درس بخوانم /miegaham dars gannam.

Jij wilt studeren. = می خواهی درس بخوانی /miegahie dars ganie .

Hij/zij wil studeren = می خواهد درس بخواند /miegahad dars gannad .

Wij willen studeren. = می خواهیم درس بخوانیم /,miegahiem dars ganniem .

Jullie willen studeren. = می خواهید درس بخوانید /miegahied dars gannied 

Zij willen studeren  = می خواهند درس بخوانند /miegahand dars gannand 

 

schrijven = نوستن  newestan 

de stam is نویس newies en wordt بنویس bènewies

 

ik wil een brief schrijven. = می خواهم نامه ای بنویسم /miegaham namèjje newiesam.

Jij wilt een brief schrijven = می خواهی نامه ای بنویسی /miegaahie namèjje newiesie.

Hij/zij wile en brief schrijven = می خواهد نامه ای بنویسد /miegahad nammèjje nnewiesad.

Wij willen een brief schrijven = می خواهیم نامه ای بنویسیم /miegahiem namèjje  nnewiesiem

Jullie willen een brief schrijven واهید نامه ای بنویسید /miegahied namèjje nnewiesied 

Zij willen een brief schrijven = می خواهند نامه ای بنویسند  /miegahand namèjje nnewiesand.

 

Index

 

 

 

 

 

Reacties

Onvoltooid tegenwoordige tijd:    (modjarat kardan = emigreren)

 

Sommige dieren trekken (weg) in de winter.

 

بعضی از حيوانات در زمستان مهاجرت مي‌کنند 

 

Ba’azie heevanan dar zemmestan mohadjerat miekonand.

 

 

Onvoltooid verleden tijd:

 

Sommige dieren trokken (weg) in de winter.

 

بعضی از حيوانات در زمستان مهاجرت کردند 

 

Ba’azie heevanan dar zemmestan mohadjerat kardand 

 

 

Voltooid tegenwoordige tijd:

 

Sommige dieren zijn in de winter weggetrokken.

 

بعضی از حيوانات در زمستان مهاجرت کرده اند 

 

Ba’azie heevanan dar zemmestan mohadjerat kardèh’and

 

 

Voltooid verleden tijd:

 

Sommige dieren waren in de winter weggetrokken.

 

بعضی از حيوانات در زمستان مهاجرت کرده بودند  

 

Ba’azie heevanan dar zemmestan mohadjerat kardèh boedand.

 

Tegenwoordige duurvorm:

 

Sommige dieren vertrekken (altijd) in de winter.

 

بعضی از حيوانات در زمستان مهاجرت دارند می کنند 

 

Ba’azie heevanan dar zemmestan mohadjerat daarand miekonand.

 

Index

 

Reacties

 

Vragen die met een hoofdtelwoord moeten worden beantwoord. (Telwoorden worden onderscheiden in hoofdtelwoorden en rangtelwoorden. Hoofdtelwoorden noemen een aantal: een, twee, drie, vier, vijf enzovoort Rangtelwoorden noemen een nummer in een reeks: eerste, tweede, derde, vierde, vijfde enzovoort)

 

 

 چقدر؟

 tsjèqadr?

 hoeveel?

 

 چند؟

 tsjand?

 hoeveel?

 چند نفر؟

 tsjand nafar?

 hoeveel personen?

 

چند تا؟

 tsjand ta?

 hoeveel stuks?

Bij dit woord چقدر؟ gebruiken we nooit nafar نفر of ta تا erachter.

 

Bij het volgende woord antwoorden we met een rangtelwoord:

چندمین؟ tsjandomien? de hoeveelste? Dit woord is een bijvoeglijk naamwoord, maar gaat altijd vooraf aan een zelfstandig naamwoord en het heeft geen "èzafèh".

Lees deze voorbeelden om te oefenen:  

 

دیروز چند نفر دوست آمدند؟ شش نفر آمدند 

۱ 

 چند تا کتاب خواندید؟ من دو تا خواندم ولی دوستم سه تا خواند

 ۲

این چندمین درس است؟ ششم یا هفتم؟ این درس هفتم است 

 ۳

چقدر پول دارید؟ من هیچ چول ندارم 

 ۴

 

تمرین  oefening

 

I. Schrijf in Farsi cijfers (bijv. 6 + 4 = 10 wordt  ۱۰ = ۴ + ۶  ):

 

(a) 2 x 3 = 6     (b) 6½ + 3½ = 10        (c)  6e - 7e  - 8ste

II. Schrijf in Farsi woorden:

(a) achtste    (b) eerste    (c) tweede    (d) derde

 

III. Vul in wat van toepassing is  نفر of  تا   :   

 

 

در این اطاق شش .... صندلی و دو .... میز است 

 ۱ 

چند .... فنجان داریم؟ 

  ۲

دو .... ایرانی رفتند 

 ۳

چند نفر مهمان می آیند؟ پنج .... مهمان می آیند 

 ۴

چند .... فرش فروخت؟ 

 ۵

مهمان mehman (klinkt als megman) = een gast

----------------------------------------------------------

 antwoorden III

در این اطاق شش .تا. صندلی و دو ..تا.. میز است 

 ۱

چند ..تا فنجان داریم؟ 

  ۲

 

دو .نفر. ایرانی رفتند 

 ۳

چند نفر مهمان می آیند؟ پنج .نفر... مهمان می آیند 

 ۴

چند ..تا.. فرش فروخت؟ 

 ۵

Index van alle lessen en onderwerpen.

Reacties

De cijfers in farsi:         0       1        2        3        4           5        6      7         8         9           10 

                                   ۰        ۱        ۲        ۳         ۴           ۵         ۶      ۷          ۸         ۹            ۱۰

                                sefr     jek      dò     sèh  tsjahaar  peindzj sjesj  haft     hasjt     nò     daah

                                         ده   نه   هشت   هفت   شش    پنج    چهار     سه    دو    يک    صفر  

 

 

 

 اول  awaal - dit is eigenlijk een Arabisch woord - eerste

  دوم  dòwòm - tweede

 سوم  sevvòm - derde

 چهارم tsjahaarròm - vierde

 پنجم pandzjòm - vijfde

    ششم sjesjòm - zesde

 هفتم  haftòm - zevende

   هشتم  hasjtòm - achtste
 
     نهم nohòm - negende
 
   دهم dahòm - tiende
 
De rangtelwoorden van 2 tot 10 kunnen ook op deze manier afgekort worden:
-
م - ۲م - ۳م - ۴م - ۵م - ۶م - ۷م - ۸م - ۹م - ۱۰م -
 

 

de klemtoon valt op de uitgang -om 
 
De rangtelwoorden zijn bijvoeglijke naamwoorden en worden  door de èzafèh vastgemaakt aan het zelfstandig naamwoord, waarover iets wordt gezegd.
voorbeelden:
 
 
 

درس*چهارم 

dars-e-tsjahaaròm 

de vierde les 

 صفحة پنجم

 safhèj-je-pandzjòm

 de vijfde pagina

 جلد هشتم

 dzjeld-e-hasjtòm

 het achtste deel

 

 Wanneer we getallen gebruiken komt het zelfstandig naamwoord altijd in het enkelvoud. Aan het getal is immers wel te zien dat het om meervoud gaat.

Paarden vertalen we met: اسبها aasb-ha, maar met een aantal ervoor is het enkelvoud, dus چهار اسب = vier paarden.

شش کتاب و پنج قلم  - sjesj kettab o pandzj qalam = zes boeken en vijf pennen.

Als het om een aantal personen gaat gebruiken we  tussen het aantal en het zelfstandig naamwoord meestal het woord نفر  nafar = personen.

Gaat het om dingen of dieren dan gebruiken we het woordje تا  ta = stuks.

  پنج نفر ایرانی و دو نفر انگلیسی هفت نفرند

Pandzj nafar ieranie wa do nafar inkhliesie haft nafarand  = vijf Iraniërs en twee Engelsen zijn zeven personen.

 

این شش تا قلم و آن سه تا کتاب را به آنها دادم

ien sjesj ta qalam wa an sèh ta kettab ra bèh anha daadam = Ik gaf hen deze zes pennen en die drie boeken.

 

Index van alle lessen en onderwerpen.

 

Reacties
Contact
Naam
E-mailadres
Opmerkingen
Dit is een verplicht veld
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl